Zoeken
  • Joëlle de Boer

19 dingen die ik heb geleerd in 19 jaar over de donorkind/ donor/ fertiliteit industrie


Ik ben laatst 19 jaar geworden. Nog 1 jaar en dan ben ik alweer 20. Ik voel echt mezelf oud worden zeg. Ik starten met bloggen toen ik nog net geen 16 was en ben nu dan alweer 19 jaar geworden. Het is nu 3 jaar geleden dat ik de aanvraag deed om mijn vader te ontmoeten. En wat is mijn leven sinds dat moment veranderd zeg. Ik heb veel geleerd over de donorkind/ donor/ fertiliteit industrie. In deze blogpost wil ik graag mijn ervaring delen. Hier zijn 19 dingen die ik geleerd heb in 19 jaar over de donorkind/ donor/ fertiliteit industrie.

1. ''Je was zo gewenst. Zonder spermadonatie was je er niet geweest.''

Ouders van donorkinderen zeggen altijd: “Je was zo gewenst.” Ik weet dat ik gewenst bent. Maar niemand anders behalve mijn ouders hebben dat voor het zeggen. Ik hoef helemaal niet blij te zijn dat ik er ben. Ik hoef mezelf niet gewenst te voelen. En ik hoef niet dankbaar te zijn dat mijn vader aan spermadonatie heeft gedaan jaren geleden. Dat mag je tegen een donorkind nooit zeggen. Want als onze vaders geen donatie hadden gedaan dan waren we er niet geweest. En hoefden sommige van ons niet te lijden onder de pijn en de struggles die we vandaag de dag voelen. Van het niet weten waar we vandaan komen tot de struggle van het hebben van het niet weten wie je halfbroers en zussen zijn. Ook als het er heel veel zijn. En het niet weten aan wie je allemaal verwant bent. Wie je familie is…

2. Je hebt altijd een verhaal te vertellen als het gesprek stilvalt.

Je hebt altijd een verhaal te vertellen als donorkind als het gesprek stilvalt. Dit punt heb ik er ingezet omdat het voor mij 100% de waarheid is. Als kind ging het al snel erover dat ik 2 moeders heb en hoe het mogelijk kon zijn dat ik geboren was omdat ik geen vader in mijn leven had. Dan vertelden ik ze mijn hele levensverhaal als kind. Tegenwoordig als dit gesprek op komt is het wat makkelijker omdat we allemaal wel eens de media hebben gezien. Het grappigste verhaal is als we het er over hebben wie de meeste broers en zussen heeft. Dan sta ik altijd vooraan in de rij.

3. Een donor word je niet zomaar.

Een groot deel van de mannen die spermadonor is geworden afgelopen jaren dacht er niet over na dat ze technisch gezien van een hoop kinderen/mensen vader worden. Ze dachten niet na wat voor een verantwoordelijkheid het met zich meedraagt als je zoveel kinderen verwekt. Mijn vader is iemand die zijn verantwoordelijkheid neemt. Hij staat open voor alles en legt de keuze bij onze met wat we willen. Maar als ik zie hoeveel donoren dat niet doen, dat breekt mijn hart.

4. Als donorkind groei je op in een grote illusie.

Sommige ouders laten hun kinderen opgroeien in een illusie. De meeste donorkinderen weten tegenwoordig vanaf het begin dat ze een donorkind zijn maar er zijn helaas vandaag de dag nog steeds ouders die het niet vertellen. Ouders die zeggen dat er “een aardige man” was die zijn zaadjes heeft afgestaan zodat de ouders kinderen konden krijgen. Maar dat is een grote illusie. Dat een man zijn sperma doneert betekent toch niet meteen dat hij aardig is? Ook kunnen sommige onwetend opgroeien. Zonder het besef dat elk jong persoon hun halfbroer of zus kan zijn. En dat elke man die ze tegenkomen hun biologische vader kan zijn… Daar komen ze pas vanaf als ze weten wie iedereen is. Ik zeg niet dat ieder donorkind er last van heeft maar een hoop die ik ken wel. Het scannen van de gezichten hopend ergens herkenning te vinden.

5. Ouders, donorkinderen en donoren worden niet goed ingelicht.

Ouders, donorkinderen en donoren worden tegenwoordig vandaag de dag nog steeds niet goed ingelicht over de rechten die ze allemaal hebben. Over hoeveel kinderen een donor mag verwekken. En dat als ouders een Cryos donor gebruiken hun kind tientallen halfbroers en zussen kan hebben. Cryos zegt dan bijvoorbeeld: ‘’Maar ja wij gaan bijna nooit over de grens van 25 kinderen per donor heen. Per land misschien maar de regels zijn al dat een donor alleen in het buitenland gebruikt mag worden als hij in Denemarken daar het limiet heeft behaald. Ja daar worden ouders niet over ingelicht Privé donoren lichten de ouders die ze helpen ook niet goed in. En soms lichten ze ze zelf op. Helaas ken ik mensen in deze situatie… en dat dat is zeker niet leuk en zal niet moeten gebeuren in ons land.

6. Elk donorkind voelt zich anders, maar de online community is er om je te steunen. Toen ik de online community van donorkinderen en donoren leerden kennen kreeg ik zoveel steun van iedereen. Ik was net nog geen 16 jaar en werd zo erg welkom geheten door donorkinderen en donoren die ouder dan mij waren. Zij zijn mensen die je snappen. En heel goed weten wat je doormaakt. Ik heb zoveel lieve mensen van over de hele wereld leren kennen door deze geweldige community. Vanuit Nederland, Australië, Duitsland, Spanje, België, en in veel verschillende plaatsen in de verenigde staten. Deze mensen, waarvan sommige van mijn donorkind vrienden zijn geworden zijn als een soort van extra zelfgekozen familie geworden. Ook al heb ik een hoop van hen nog nooit ontmoet. Ik voel mezelf zo veilig bij hen. En ik weet als ik met iets zit dat ik altijd bij ze terecht kan. Dat ik mijn gevoelens kan delen, zonder pijn gedaan te worden.

7. Als donorkind kunnen je halfbroers en zussen zich anders voelen als jij in hun donorkind zijn.

Ik ben iemand die voor mijn halfbroers en zussen open staat. Voor ze allemaal. En ook voor mijn vader. Maar er zijn ook donorkinderen die niet voor hun halfbroers en zussen aka bonus-familie openstaan. Ze zeggen dat ze genoeg hebben aan hun eigen familie en het gezin waarin ze opgroei(d)en. Dat ze niets hoeven van of de donorvader of de halfbroers en zussen of zelfs beide. Het kan ook zo zijn dat een donorkind er gewoon mentaal nog niet klaar voor is. Om halfbroers en zussen die genetisch dichter bij hen staat dan hun neef, nicht of grootouders te ontmoeten en een band mee te hebben. Of er is op het moment geen behoefte is aan contact. En dat kan moeilijk zijn weet ik uit eigen ervaring. Maar als het universum wil dat jullie elkaar ooit weer zien moet je geloven dat het lot jullie ooit weer samenbrengt…

8. DNA testen vertellen altijd de waarheid.

DNA testen vinden altijd de waarheid. De titel zegt al wat ik wil uitleggen. Als je wil dat je kind al vanaf zo vroeg mogelijk in contact kan komen met zijn of haar halfbroers en zussen dan zijn DNA testen de juiste keuze om aan te beginnen. In het buitenland gebeurt het al. Donorkinderen vanaf zo jong mogelijk testen zodat ze in contact kunnen komen met halfbroers en zussen. Dan kan via de DNA test van MyHeritage, FamilytreeDNA, 23andme en Ancestry.

9. Niet alles ging goed in de fertiliteit industrie. Vroeger werd voorgedaan dat alles goed ging in fertiliteit industrie. Er waren genoeg donoren en dat het anoniem ging en dat het kind er nooit achter kon komen wie de biologische vader was leek de doktoren en de wensouders helemaal geweldig. Maar het is nu 2019, bijna 2020! De toekomst! De wet van donorgegevens is er doorheen voor donorkinderen zodat zij betere rechten kunnen krijgen. We weten nu dat het vroeger niet zo soepel liep zoals we dachten bij de spermabanken en klinieken. En dat het bijna overal niet goed liep. Nu in de toekomst moeten we het beter gaan doen dan toen. Maar het is nog steeds niet ideaal in Nederland bij de fertiliteitsklinieken. Er worden in sommige klinieken nog steeds fouten gemaakt waar pas later wordt achter gekomen. Zoals donoren die veel te veel kinderen krijgen...

10. De stemmen van volwassen donorkinderen moeten gehoord worden.

Heel veel volwassen donorkinderen van over de hele wereld gaan naar de media omdat ze het er allemaal mee eens zijn dat de industrie waar donorkinderen door worden verwerkt veranderd moet worden. Er zal geen taboe moeten zijn over hoe wij ontstaan zijn. Er moet open en eerlijkheid ontstaan. Respect voor alle partijen. Beste (wens)ouders, luister alsjeblieft naar de donorkinderen die hun stem laten horen. Wij donorkinderen spreken voor de donorkinderen die dat nu niet kunnen. Onze mening kan de (toekomstige) mening van uw kind zijn. 11. De wet donorgegevens kunstmatige bevruchting moet worden aangepast.

De wet voor donorgegevens kunstmatige bevruchting moeten worden aangepast en ik ben niet de enige die er zo over denkt. De wet was in het leven geroepen om de rechten voor donorkinderen te behartigen maar heeft deze wet dat in de tijd dat hij bestaat al gedaan? Voor sommige wel maar voor sommige niet. Voor de donorkinderen wiens donorvaders uit de anonimiteit zijn gestapt door de wet was het iets wat hen heeft geholpen. Maar er is een keerpunt in de wet die het voor een hoop kinderen ondragelijk is gemaakt. Doordat tijdens de wetswijziging een B-donor die open staat voor contact als het kind 16 jaar of ouder is tijdens de wetswijziging de kans kreeg om toch een A-donor te worden. En dat had niet moeten gebeuren!

12. Een B-donor van voor 2004 zal niet mogen moeten switchen naar de status van een A-donor.

De wet is in werking gebracht in 2004. Deze wet verbood dat doneren anoniem ging donoren. Er gebeurden door de wet goede dingen. A-donoren gingen hun status veranderen naar die van een B-donor. Donorkinderen komen erachter of zijn er al achtergekomen dat hun donorvader zich toch bekend wil maken. Maar er zijn donorkinderen verwekt door b-donoren die hun hele leven dachten dat ze hun donorvader na hun 16e mogen ontmoeten die erachter komen dat hun donorvader zijn status heeft veranderd naar die van een A-donor. Dat dit mogelijk was kort tijdens de wetswijziging klopt niet. En daar zijn veel mensen het met mij eens mee. Je hebt een contract getekend als donor, als wensouders, en als kliniek. Dat contract zal niet in slechte zin gebroken mogen worden waardoor een donorkind die zijn of haar hele leven al weet dat er contact opgenomen mag worden als ze 16 zijn met de donor dat voor hen onmogelijk wordt gemaakt. 13. Er moet gezorgd worden voor een betere voorlichting aan donorkinderen vanuit stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting.

Donorkinderen en zelfs ouders weten vaak niet wat voor rechten je als donorkind hebt. Ze weten vaak niet waar en vanaf wanneer ze informatie mogen aanvragen. Alle donorkinderen worden geregistreerd tegenwoordig onder naam bij stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting. Als dat allemaal al zo is waarom is het dan niet mogelijk om donorkinderen op een bepaalde leeftijd informatie te sturen per post over hun rechten als donorkind? Ik bedoel we krijgen toch ook folders over het donorregister waarom zijn er dan ook geen folders voor donorkinderen zodat ze weten wat hun rechten zijn en hoe ze zich moeten registeren. Ik heb al van zoveel ouders en donorkinderen gehoord dat ze niet snapten hoe ze de aanvraag moeten doen om hun donorvader te ontmoeten.

14. Stichting donorkind is er niet voor niks

Stichting donorkind is een stichting die werd geregistreerd in 2007 als een officiële stichting. Het is al meer dan 10 jaar actief om donorkinderen, donoren, en ouders te verbinden. Als kind zag hoe over de stichting gepraat werd bij tv-programma’s. Dat dit allemaal door vrijwilligers wordt geregeld had ik toen niet kunnen bedenken. En nu vandaag de dag is het nog steeds actief. Er wordt elke dag wel een donorkind, ouder, of donor door iemand die werkt voor de stichting geholpen. Sinds mijn 15e ben ik betrokken bij stichting. En officieel medewerker ben ik sinds dit jaar. Ik ben zo blij dat ik iets kan leveren aan de community die mij ook zo erg geholpen heeft om mezelf te begrijpen.

15. Ik help donorkinderen, ouders, en donoren met wat ik doe.

Ik weet veel over de donorkind/ fertiliteit industrie. Doordat ik mezelf aansluit bij verschillende groepen voor donorkinderen, ouders, en donoren heb ik al vele levens veranderd. Het is zo erg raar dat een meisje zoals ik zo een groot verschil in iemand andere mensen hun leven heb kunnen maken. Dat ik door mijn kennis de wereld kan veranderen. Mensen helpen bij het vinden van donorvaders en hun andere onbekende familie.

16. Er zijn gekke donoren die denken dat ze de hele wereld willen helpen met het krijgen van kinderen.

Dit jaar kwam het heel erg dichtbij waardoor ik weet dat er gekke donoren zijn in de wereld. In Nederland weet ik er nu van een hoop doordat ik contact heb gehad met vrouwen die met dit soort donoren te maken hebben gehad. Donoren die honderden kinderen hebben. Deze mannen die liegen tegen vrouwen. Ze vertellen dan ze misschien 2 donorkinderen hebben of juist helemaal geen. En dan blijkt het achteraf dat de donor honderden kinderen heeft. De ouders zijn in shock en vragen zich af hoe ze dit hun kinderen ooit gaan vertellen dat de man die zij als de biologische vader van hun kinderen hebben gekozen een massa spermadonor is…. Deze kinderen zijn op het moment heel jong maar zullen ook volwassen worden. En wij als stichting donorkind zullen er dan voor ze allemaal zijn.

17. Ik heb het getroffen met mijn vader.

Geluk moet je hebben als donorkind altijd. Er zijn verschillende paden die je als donorkind kan bewandelen. Ik denk dat ik het wel erg goed getroffen heb als donorkind. Ik heb een vader die accepteert dat ik naar hem refereer als mijn vader. En ik heb ouders die refereren naar dat ik zijn dochter ben. Toen hij voor het eerst naar mij refereerde naar dat ik zijn biologische dochter kon ik een traantje wegpinken. Ik kan spreken met hem wanneer ik wil, als ik vraag als hij wil afspreken probeert hij als in ze macht te leggen omdat mogelijk te maken. Hij zo een fijne persoonlijkheid en is zo erg lief. Ik heb het zo erg getroffen met mijn vader. Ik heb zulke rare verhalen gehoord van donorkinderen waarvan de donorvader dan uiteindelijk geen contact wil. Ik kan voor hun alleen maar huilen van binnen. Hopen dat hun donorvader zich bedenkt.

18. Voor gek verklaard word ik toch wel als ik dit zeg maar ik wil nog steeds al mijn halfbroers en zussen ontmoeten.

Het is iets wat nog steeds een wens van mij is. Op een dag al mijn halfbroers en zussen hebben ontmoet. Maar ik word wel eens voor gek verklaart dat dit nooit gaat gebeuren. Dat deze wens van mij nooit uit gaat komen. Mag ik geen hoop hebben dat het ooit gebeurt? Zoals ik eerder als zei weet ik dat niet iedereen er hetzelfde in staat over contact hebben met halfbroers en zussen. Dat zal ook altijd zo zijn maar wie zegt dat je je hele leven dezelfde mening houdt? Ik vind het hebben van halfbroers en zussen alleen maar mooi. Iets wat mij in ieder geval heel veel blijdschap heeft gegeven in mijn leven.

19. Het meest belangrijke wat ik in de 19 jaar dat ik leef heb geleerd

Het meest belangrijke wat ik heb geleerd in de 19 jaar dat ik leef is dat je nooit genoeg familie kan hebben. Je kiest met wie je een band opbouwt en wie je een plek in je leven en je hart geeft. Mijn donorkind vrienden en mijn bonus/ halfjes familie zullen altijd een deel van mijn familie zijn. En daar heeft niemand wat over te zeggen. Behalve degene die erbij horen. Ik heb al zoveel met ze meegemaakt de bijna afgelopen 3 jaar dat ik dat voor geen goud zal wil inruilen. Ik houd heel erg veel van jullie.

#Watikervanvindalsdonorkind

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now